Fictieve opgave

Aan de hand van de beeldrichtlijnen die uit de kleurbepaling naar voren komen wordt hier een fictief gebouw getoetst. Duidelijk wordt dat op een groot aantal aspecten het gebouw niet voldoet aan de kenmerken zoals die passen bij een“rood” dorp. Vervolgens is er een alternatief gebouw getekend.

Bij elk kenmerk wordt aangegeven of het voorliggende voorbeeld voldoet goed of niet voldoet fout.

Plaatsing

  • Plaatsing in de rooilijn en bepaald door de stedelijke ruimte.goed
  • Bouwstroken in kernen, plaatsing van vrijstaande gebouwen in de rooilijn en met naar verhouding kleine tussenruimten.goed
  • Hoeken zijn open en worden niet benadrukt. Lichte functionele hiërarchie.goed

Massawerking

  • Traditionele eenvoudige massaopbouw rechthoekige onderbouw en pannenkap, meestal
  • uitgevoerd als zadeldak.fout
  • Ambachtelijk gootdetail; goot werkt als duidelijk element tussen gevel en kap.fout
  • Afzonderlijke woningen afleesbaar.goed

Gevels

  • Traditionele gevelindeling, passend bij gemetselde wanden.goed
  • Grote vensters ter plaatse van de woonkamer.goed
  • Bijzondere details ter plaatse van de voordeur.fout
  • Gevelopeningen vertellen iets over de achterliggende functies en meestal niets over de constructieve opzet.goed
  • Metselwerk-constructies worden als ornament toepgepast.fout
  • Verschillende functies van de gevel worden meestal in een enkel materiaal.fout

Materialisering

  • Traditionele, hollandse materialen. Gemetselde gevels, daken bedekt met gebakken OVH pannen.fout
  • Houten kozijnen en getimmerde houten goten.fout
  • Rond de voordeuren van woningen afwijkend metselwerk of stucwerk.fout

Detaillering

  •     Het beeld en de uitvoering bepalen de detaillering.

Ambachtelijke details, getimmerde goten met klossen, bijzondere details in metselwerk of afwijkend materiaal ter plaatse van voordeuren en schoorstenen. fout

 

Kleurgebruik

  •     Gevels in rode steen, pannen daken meest natuurrode gebakken pannen, incidenteel donkergrijs.goed
  •     Houtwerk meest wit, draaiende delen in traditioneel groen of blauw.fout

 

Het voorgestelde alternatief (voorbeeld 2) wijkt op een aantal wezenlijke zaken af van het getoetste voorbeeld (voorbeeld 1). Een aantal aspecten die nu voldoen aan de beeldrichtlijnen zijn:

  •     Het gebouw heeft een eenvoudige hoofdmassa.
  •     De goot werkt als heldere overgang tussen gevel en kap.
  •     De woningenentrees zijn afzonderlijk herkenbaar.
  •     De gevels bestaan uit een enkel materiaal, te weten metselwerk.
  •     De goot is traditioneel getimmerd en wit uitgevoerd.
  •     De gevelsteen is rood, de pannen oranjerood, conform het overheersende beeld in het dorp.
  •     De kozijnen en het timmerwerk zijn wit uitgevoerd.  

De prominente dakkapellen zijn een eigenwijze en eigentijdse ingreep, die echter wel de afzonderlijke woningen goed afleesbaar maken. 

RTEmagicC dia 9-2 02 RTEmagicC dia 13-2 02
Voorbeeld 1 Voorbeeld 2