De groene polderstad

De opgave

Emmeloord is een groene polderstad. Al vanaf de allereerste planschetsen werd een groene stad getekend. Veel groen werd meteen bij aanvang van de bouw aangelegd, om de woon- en werkomgeving te veraangenamen. Het landschap ligt op minder dan 5 minuten fietsafstand van de meeste woongebieden. Net als de dorpen kent Emmeloord een groene mantel, groene polderstraten, groene achterpaden, diepe tuinen, hoven en brinken. Daarnaast heeft de stad nog vele andere groene kenmerken, die de polderstad tot groene polderstad maken en daarmee anders dan de dorpen:

  1. Groene singels.
  2. Groene polderlanen.
  3. Gebouwen met een bijzondere functie in het groen.
  4. Een singelgracht met groene oevers.
  5. Vaarten met groene oevers.
  6. Groene stadspoorten.
  7. Een stadsbrink, brugbrinken, wijkbrinken, buurtbrinken.
  8. Het Emmelerbos.
  9. Parken.

Het water maakt onlosmakelijk deel uit van het groen. Samen zijn het groen en het water in hoge mate bepalend voor de identiteit en het DNA van Emmeloord. Na de realisatie van het oorspronkelijke plan is Emmeloord vele malen in omvang toegenomen. De groene singels zijn nog gaaf en de bomen zijn volgroeid, hetgeen allure geeft aan de openbare ruimte in de stadskern. Het consistente onderhoud en beheer van de vele boomweiden heeft ervoor gezorgd dat de hoofdkenmerken van het groen nog krachtig zijn.

Het groen is niet overal op vergelijkbare wijze mee-ontworpen bij nieuwe ontwikkelingen.
Bovendien heeft het toegenomen autobezit, en de daarmee samenhangende verkeersmaatregelen, een grote weerslag op de inrichting van de openbare ruimte gehad. De ruimte voor bomen in de polderstraten en de continuïteit van de polder-lanen zijn sterk onder druk komen te staan. Koningin Julianastraat; verkeersruimte gaat ten koste van de bomen in de straat.

NLS-Koningin Julianastraat DSC0279
Koningin Julianastraat; verkeersruimte gaat ten koste van de bomen in de straat

 

Er zijn daarnaast locaties waar het groen en water beter kan worden benut dan nu wordt gedaan. Emmeloord heeft bijvoorbeeld lange vaarten met brede groene oevers, die minder open worden en volgroeien met struiken en bebossing. Het water is op sommige plaatsen nauwelijks meer zichtbaar, laat staan toegankelijk. Hier kan eenvoudig iets aan worden gedaan.

Tot slot zijn er locaties, waar nieuw groen kan worden ontwikkeld om de identiteit van Emmeloord door te ontwikkelen, of om de relatie tussen de stad en het landschap te herstellen. Bijvoorbeeld door de groene mantel mee te ontwerpen bij nieuwe uitbreidingen, zoals bedrijventerreinen.

Het functioneren van het groen is sterk afhankelijk van de verbindingen en samenhang met het omringende polderlandschap. Het groen in en buiten de stad is eerder uit één hand ontworpen. Het belang voor de toekomst van het samenhangend ontwerp van het groen, water en de stedelijke ontwikkelingen, kan niet voldoende worden onderstreept. Het valt op dat tussen de stadskern (gebied oorspronkelijk ontwerp) en het polderlandschap verbindingen ontbreken. Polderlanen en groene polderstraten lopen niet door in de nieuwe schillen rond de stadskern.
De identiteit van het groen sluit in de nieuwe uitleg vaak niet aan bij de stadskern.

Zoals omschreven in het Groenbeleidsplan 2010-2014 vervult het groen in Noordoostpolder vele functies. Het bepaalt in belangrijke mate de leefbaarheid en de aankleding van het straatbeeld. Het biedt ruimte voor maatschappelijke doeleinden zoals sport, spel en recreatie en het heeft een belangrijke betekenis voor landschap, cultuurhistorie en de natuurontwikkeling.
Kortom, het groen en het water zijn het koesteren, beschermen en versterken meer dan waard.

De ambitie van het Groenbeleidsplan is om er voor te zorgen dat het groen al deze functies zo goed mogelijk vervult, tegen zo laag mogelijke maatschappelijke kosten. Is deze ambitie voldoende om de groene identiteit van Emmeloord op peil te houden of zelfs te versterken. Wordt er voldoende ingezet op het groen-DNA van de stad?

Dit leidt tot een aantal vragen:

  1. Hoe kan het DNA van het groen in de stad worden behouden, versterkt en doorontwikkeld?
  2. Hoe kan Emmeloord de verbindingen en de samenhang van het groen in de stadskern, de stadsschil en het polderlandschap waarborgen en versterken?
  3. Welke innovatieve en creatieve oplossingen kunnen worden geboden om het groen-DNA te herstellen en versterken en tegelijkertijd een goed functionerende hedendaagse openbare ruimte te ontwikkelen binnen de taakstellingen van beheer en onderhoud?

Randvoorwaarden

Grote soberheid en tegelijkertijd een rijke variatie in het groen kenmerken het oorspronkelijke plan. Het groen manifesteert zich op vele manieren in de straat, de singel en op de brink, met als overeenkomst de strakke en regelmatige opzet. Deze opzet is op veel plaatsen gebaseerd op de polderverkaveling.
Dit hoofdstuk laat zien welke verschillende categorieën groen het DNA van Emmeloord kent en welke schaalniveaus. Uit analyse van de plannen van Verhagen en Pouderoyen blijkt dat er binnen de verschillende categorieën van groen en binnen de sobere en strakke opzet een zeer gedifferentieerde en bijna arcadische groene invulling van de openbare ruimten schuil gaat.
Het respecteren, versterken en doorontwikkelen van het groen vormt een belangrijke voorwaarde voor ontwikkelingen in Emmeloord. Het groen-DNA van Emmeloord kan worden getypeerd aan de hand van de volgende hoofdonderdelen categorieën:

  1. De groene mantel rond de stad. Deze brede groenzoom is multifunctioneel en omvat paden, een begraafplaats (ontwerp door Mien Ruys), sportvelden, volkstuinen et cetera.
  2. Groene poldervaarten met brede groene oevers, vaak openbaar.
  3. De singelgracht. Deze begeleidt het stadskruis in oost-west richting en benadrukt de ligging van het centrum.
  4. Groene polderlanen. Deze continue lanen verbinden wijken en stadsdelen, stad en landschap.
  5. Groene poldersingels. De groene singels zijn voorzien van brede grasbermen met een dubbele rij bomen. Ze zijn karakteristiek voor de polderstad, in de polderdorpen komen ze niet voor.
  6. Groene stads-, wijk-, buurt en brugbrinken. De groene of pleinachtige ontmoetingsplaatsen, soms met gebouwen met publieke of bijzondere functies.
  7. Groene clusters met bijzondere gebouwen of bebouwing met maatschappelijke functie geclusterd in het groen.
  8. Het Emmelerbos, met een belangrijke functie als uitloop- en recreatiegebied voor de hele stad Emmeloord.
  9. De parken, aan de randen van buurten en wijken.
  10. Groene en blauwe stadspoorten in de stad benadrukken de hoofdentrees en de overgang van ‘oude’ naar de ‘nieuwe’ stad.
  11. Groene polderstraten. Lange en kortere groene straten met verschillende profielen en straat- en laanbeplantingen. Elke straat heeft een eigen karakteristiek en sfeer.
  12. De groene poldertuin. De particuliere tuinen, met groene hagen en soms fruitbomen en dragen bij aan het groene karakter van de polderstad.
  13. De hoven. Net als in de dorpen kennen enkele woonblokken gemeenschappelijke hoven.
  14. Groene achterpaden. Veel achterpaden zijn nog groen, zoals oorspronkelijke gepland. De schuren staan achter de hagen, om de groene karakteristiek te versterken.
1 Groene mantel De Erven DSC0182 2 groene poldervaarten Espelervaart  DSC0024 3 De singelgracht 4 Groen polderlanen Sportlaan  DSC0311
1. Groene mantel (foto: De Erven) 2. Groene poldervaart (foto: Espelervaart) 3. De singelgracht vanaf de brug 4. Groen polderlanen (foto: Sportlaan)
5 Groene poldersingels DSC0066 6 Groene brink Leemanstraat  DSC0040 7 Groene clusters 8 Emmelerbos  DSC0106
5. Groene poldersingels (foto:Sportlaan)

6. Groene brink (foto: Leemanstraat) 7. Groen cluster met solitaire bebouwing (foto: Josephschool aan de Prof. Lorentzstraat) 8. Emmelerbos
9 De parken ah Zuidenveldpad 10 Groene stadspoort Nagelerweg Urkervaart  DSC0400 11 Groene polderstraat Meidoornstraat 12 Groene poldertuin Meeuwenkant  DSC0110
9. Parken (foto: Park nabij het Zuidenveldpad)

10. Blauwe stadspoort (foto: Nagelerweg Urkervaart) 11. Groene polderstraat (foto: Meidoornstraat) 12. Groene poldertuin (foto: Meeuwenkant)
13 hoven Rietstraat 14 Groene achterpaden    
13. Hoven (foto: Hof achter de Rietstraat) 14. Groene achterpaden (foto: achterpad van de Distelstraat)    

 

Het groen in Emmeloord heeft betekenis op meerdere schaalniveau’s. Een groene polderstraat heeft bijvoorbeeld betekenis voor wijk en buurt. Een polderlaan is breder, heeft grotere bomen aan weerszijden. Ze heeft betekenis voor de stad en verbindt wijken en buurten en stad en landschap. Poldersingels zijn nog breder en benadrukken de hoofdrichtingen van de stad.
Ze volgen de polderverkaveling, vormen oriëntatieplekken in de stad, ze begeleiden zichten op de poldertoren en begrenzen wijken. Het rekening houden met de betekenis van groen op verschillende schaalniveau’s is even belangrijk als het rekening houden met de categorieën groen. Er zijn drie schaalniveaus:
1.    Het schaalniveau van het polderlandschap.
2.    Het schaalniveau van de polderstad.
3.    Het schaalniveau van de stadsgebieden met de wijken, buurten en straten.

302-1
1. Landschappelijk groen in de Noordoostpolder
Het landschappelijke groen van de Noordoost-polder raakt aan de stad en is verweven met de stad. Dit groen bestaat uit de volgende elementen:
1.    Erfsingels rond agrarische erven
2.    De polderwegen.
3.    De beplanting en de oevers van de vaarten.
4.    De bosstroken van het polderkruis.
5.    De polderverkaveling.

303-1
2. Het groen van de polderstad
Het groen van de polderstad Emmeloord bestaat uit het samenhangende groen, dat de hoofdgroenstructuur bepaalt van de stad. Ze geeft Emmeloord haar groene polderidentiteit.
Het verdwijnen of verschralen van deze groenstructuur zou grote afbreuk doen aan de identiteit van de stad. De volgende groenelementen zijn van belang op stadsniveau:
1.  De stadsverkavelingen gebaseerd op de polderverkaveling.
2.  De groene mantel en het Emmelerbos.
3.  Erfsingels rond (voormalige) agrarische erven.
4.  De groene polderlanen, de lanen van het stadskruis (Banterweg, Urkerweg, Nagelerweg en Marknesserweg) en de beplanting langs de overige toegangswegen (Pilotenweg, Espelerweg-Muntweg, Randweg en Amsterdamweg).
5.  De groene singels.
6.  De groene (openbare) oevers van de Urker-, Espeler-, Lemstervaart en Zwolse Vaart.
7.  De stadsbrink.
8.  Het stadsveld.
9.  De stadspoorten.
10.  De clusters in het groen.
11.  Vizieren naar de polder (stad).

304-1
3. De groene wijken, buurten en straten
Het groen van de wijken, buurten en straten is het groen dat de polderidentiteit bepaalt in de directe leefomgeving. Het verdwijnen of verschralen van deze groenstructuur doet afbreuk aan de identiteit van een wijk, buurt of straat. De volgende groenelementen zijn van belang op wijk-, buurt- of straatniveau:
1. Wijk- en buurtbrinken.
2. Parken.
3. Groene polderstraten.
4. De groene poldertuin.
5. De hoven.
6. Groene achterpaden.
7. Vizieren naar de polder (wijken buurt).

 

Oplossingsrichtingen

Oplossingsrichting 1:

‘Tuinstad’ Emmeloord beter leren kennen.

Meer kennis van het oorspronkelijk groenontwerp voor Emmeloord kan veel duidelijk maken over de achtergronden van het ontwerp van de groenstructuur van Emmeloord. Het biedt inzicht in de oorspronkelijke soortkeuzes, beplantingsplannen, straatprofielen enzovoort. Het maakt duidelijk hoe de groenstructuur van Emmeloord is verbonden aan de traditie van het tuindorpontwerp, maar ook over de specifieke polder-identiteit, die het groene Emmeloord uniek maakt ten opzichte van Vreewijk (groot Rotterdams tuindorp in Delftse School stijl, door Verhagen en Granpré Molière) en andere tuindorpen. Dit biedt inspiratie bij:

  1. De ontwikkeling van nieuwe groenstrategieën, groenbeleidsplannen en groenbeheerplannen, passend bij de identiteit van Emmeloord.
  2. Soortkeuze en beplantingsstructuren.
  3. Inspiratie voor het ontwikkelen van nieuw groen binnen nieuwe ontwikkelingen, passend bij het groen-DNA van Emmeloord.
  4. Het zoeken naar oplossingen voor het samengaan van verkeer en groen in de openbare ruimte.
  5. Het betrekken van bewoners en ondernemers bij het verhaal van het groen in de stad.

 

305-1
Stratenplan Emmeloord, 1945 (bron: NLE)
NLS-straatprofielen onkruidbuurt NLE
Straatprofielen Emmeloord, ca. 1947 (bron: NLE)

Oplossingsrichting 2:

Actief werken aan van het groen-DNA van de stad.

Het groen heeft een hoge waarde en kan een begrip worden in Emmeloord. Een combinatie van het vergroten van het bewustzijn en de toegankelijkheid met een actieve beleidsvisie en een actief uitvoeringsprogramma kan eraan bijdragen dat het groen in Emmeloord meer gaat leven onder bewoners en bezoekers van de stad.
Dit vraagt een visie op het groen-DNA van de stad en de ambitie om het groene karakter van Emmeloord verder te versterken. Het vraagt om:

  1. Investeringen in groenprojecten.
  2. Het combineren van investeringen in het wegennet, het water en het groen.
  3. Het mee-ontwerpen van het groen bij ontwikkelingen, herstructurering en transformaties, op een wijze die de groene identiteit van Emmeloord versterkt.
  4. Het behouden en uitbreiden van gebruiksmogelijkheden van de stadsrand en de groene mantel.
  5. Investeringen in de beleving en toegankelijkheid van het Emmelerbos, de oevers van de vaarten en de stadsranden.
  6. Het betrekken van bewoners en ondernemers bij het groen in de stad.  

Dit kan op een actieve wijze, bijvoorbeeld door een groenstrategie of groenactieplan. Met als doel het groene imago van Emmeloord te versterken en de waardering van de woonomgeving met trots vast te blijven houden. Het initiatief om een deel van de Algemene Begraafplaats als park te gaan gebruiken is een goed voorbeeld van een actieve maatregel.
Een actieve groenstrategie voor Emmeloord zou moeten zijn gericht op aanvulling, reconstructie en vervanging van groen dat tot de hoofdstructuur van de stad behoort. En het zou moeten zijn gericht op het versterken van de beleving en de toegankelijkheid. Het gaat dan om de groene mantel, de polderlanen, polderstraten, groene singels en bijvoorbeeld groene oevers.

Natuurlijk kan niet meteen worden geïnvesteerd in alle groenonderdelen van de stad. Een strategische fasering is logisch en noodzakelijk, waarbij bijvoorbeeld de eerste jaren zou kunnen worden geïnvesteerd in bewustwording, toegankelijkheid, herstel en versterking van de groene oevers van de stad. Er kunnen activiteiten, zoals stadsevenementen worden gekoppeld aan dergelijke projecten, die helpen om de waardering en het gebruik van het groen te bevorderen.
De gemeente kan bewoners en marktpartijen uitdagen om samen te werken aan de kwaliteit van de woonomgeving. Met name de buurten waar het groen is verdwenen verdienen een kwaliteitsimpuls.

Oplossingsrichting 3:

Het herstellen en versterken van de groene polderstraten en lanen, brinken en groene mantel, zowel op stads- wijk- als buurtniveau.

Verbinden en versterken
De polderstraten en –lanen, de brinken en de groene mantel zijn zeer bepalend voor de beleving van de groene polderstad. Zij maken niet alleen de stad en het straatbeeld groen, maar zijn ook de groenstructuren die zorgen voor oriëntatie en verbinding. De verbindingen tussen de buurten en wijken met de binnenstad. En de verbindingen tussen de (binnen)stad en het landschap.

In deze oplossingsrichting liggen twee doelstellingen besloten:

  • Het herstellen of verbinden van de ontbrekende schakels in de groenstructuur van de polderstad.
  • Het herstellen en versterken van het specifieke karakter van de polderlanen en straten.

Herstellen
Op veel plaatsen in Emmeloord hebben verkeersmaatregelen afbreuk gedaan aan de groenstructuur en het groene karakter Emmeloord. Dit kan zijn door bochten in van oudsher rechte wegen. Door parkeerplaatsen, die de plek hebben ingenomen van bomen en bermen.
Maar ook door verkeersdrempels. Door de verkeersveiligheid en de groene identiteit integraal te benaderen kan de groene identiteit van Emmeloord worden hersteld.

Oplossingsrichtingen zijn:

  • Het herstellen van de continuïteit van laan- en straatprofielen met de laanbeplanting en groene grasbermen.
  • Het integreren van oplossingen voor verkeer en oplossingen voor het versterken van het groen-DNA in de stad.

Voorbeelden:

Voorbeeld 1: Herstructurering tuindorp Vreewijk Rotterdam.

Oplossingsrichting 1: ‘Tuinstad’ Emmeloord beter leren kennen.

In Vreewijk worden de komende 15 jaar niet alleen veel woningen aangepakt, ook een groot deel van de straten, binnenterreinen, pleinen, stoepen en achterpaden wordt opnieuw ingericht.
Voor de herstructurering van het Rotterdamse tuindorp Vreewijk is na historische analyse een visie en masterplan gemaakt voor het groen, met als uitgangspunt de samenhang tussen toekomstig gebruik van de openbare ruimte en de oorspronkelijke karakteristiek van het tuindorp.

In een ‘Masterplan Buitenruimte’ hebben COM.wonen, de deelgemeente en de bewoners-vereniging hierover hun gezamenlijke ambities beschreven.

Zie oa: Vreewijk Prachtwijk:
http://www.het-portaal.net/node/185/194
http://www.vreewijkverder.nl/masterplan-buitenruimte/
http://leveninvreewijk.nl/upload/concept%20Masterplan%20buitenruimte.pdf

Voorbeeld 2: GRAP (Groenstructuur Actieplan) Enschede.

Oplossingsrichting 2: Actief werken aan van het groen-DNA van de stad.

Op 27 juni 2005 heeft de gemeenteraad van Enschede het Groenstructuur-actieplan (verder: GRAP) 2006-2009 vastgesteld. Ondertussen is het GRAP geactualiseerd en nog altijd in gebruik. Uniek aan dit plan is dat het behalve een beleidsvisie ook een uitvoeringsprogramma is. Het GRAP initieert en stimuleert de uitvoering van groenprojecten in de stad Enschede. De ambitie om het unieke groene karakter van Enschede verder te versterken is uitgangspunt. Het GRAP gaat in op de toekomst van het openbaar groen op stedelijk niveau en de relatie van het groen met het omringende landschap. Gekeken is hierbij naar een drietal belangrijke functies die het groen in de stad kan hebben, te weten:

•    De gebruiksmogelijkheden voor bewoners en bezoekers.
•    De ecologische (verbindings)waarde.
•    De ruimtelijke kwaliteit en de structurerende betekenis.

Het GRAP is gericht op aanvulling, reconstructie en vervanging van groen dat tot de hoofdstructuur van de stad behoort. Dat zijn voor Enschede de in het GRAP benoemde wiggen, stadsranden, lijnvormige elementen, bijzondere groengebieden en het zogenaamde ‘GRAP-waardige’ wijkgroen.

307-1
Afbeelding: Groenstructuurkaart (bron: GRAP 2006-2009)

 

Voorbeeld 3: Het herstellen of verbinden van ontbrekende schakels.

Oplossingsrichting 3: Het herstellen en versterken van de groene polderstraten en lanen, brinken en groene mantel, zowel op stads- wijk- als buurt-niveau.

In de woongebieden Espelervaart en de Erven ontbreekt een heldere en continue structuur van groene polderlanen en polderstraten. Vooral in de oost-west richting ontbreken groene verbindingen, die de wijken zouden moeten verbinden met de oorspronkelijke stad, het Emmelerbos, de groene mantel en het landschap.

De Europalaan heeft komende uit de richting van het stadscentrum een profiel met een stevige groene structuur van laanbomen die langs het wandelpad aan de noordzijde staan. Na de wijkbrink aan de Rivièralaan en het tegenover gelegen wijkwinkelcentrum verandert het profiel en stopt de stevige boomstructuur. Dit voorbeeld laat zien hoe het profiel van deze polderlaan weer continue kan worden gemaakt door de gehele wijk tot aan de groene mantel. Door het groene profiel weer te herstellen ontstaat een herkenbare groene route op de schaal van de stad, die de oriëntatie en de verbinding van de wijk met het landschap en de stad verbetert.

308-1 308-2
Europalaan, huidige situatie  
308-3 308-4
Impressie Europalaan, gewenste situatie Europalaan ter hoogte van de Zwarte zeestraat

 

Voorbeeld 4

Oplossingsrichting 3: Het herstellen en versterken van de groene polderstraten en lanen, brinken en groene mantel, zowel op stads- wijk- als buurt-niveau.

Voorbeeld polderlanen
Polderlanen hebben in Emmeloord een sterke verwantschap met de polderwegen buiten de bebouwde kom. De polderwegen en polderlanen zouden in elkaar over moeten lopen, zodat er een geleidelijke overgang naar het landschap ontstaat, ondanks de strakke begrenzing van de stad door een groene mantel. Deze bijzondere kwaliteit van de polderlanen is belangrijk om te behouden, aan te helen waar nodig en te ersterken.

De Drostlaan-Pilotenweg is een voorbeeld van zo’n groene polderlaan op stadsniveau. Deze polderlaan is belangrijk als element van oriëntatie en verbindt de stad met het landschap.
De huidige Drostlaan-Pilotenweg kent vele gedaanten. De stevige laan is niet van het begin tot het einde doorgezet. Vooral de verkeersremmende bocht aan het einde ontkracht het karakter als polderlaan. Een oplossingsrichting is bijvoorbeeld het herstellen van de continuïteit van het profiel met de laanbeplanting en de groene grasbermen.

308-5 308-6
Drostlaan ter hoogte Scandinaviëlaan Drostlaan ter hoogte van Reijdersant
309-1 309-2
Pilotenweg Pilotenweg ter hoogte van Zwin

 

Voorbeeld groene polderstraten
De Rietstraat is een van de oudste straten van Emmeloord. De foto van de eerste aanleg van de Rietstraat laat een lange groene polderstraat zien, passend bij de rechtlijnige polder. Van begin tot eind is er sprake van een continue profiel-opbouw, zonder knikken en as verspringingen. De bomen in de groene middenberm, maar ook de struiken en boompjes van de individuele tuintjes achter de groene hagen relativeren de strakke lijn en zorgen voor een aangename groene sfeer in de straat en per woning.
Het sterk toegenomen autobezit heeft het oorspronkelijk profiel flink gewijzigd. De middenberm met laanbomen is verdwenen en de straat heeft ten behoeve van de verkeersveiligheid en het parkeren een gefragmenteerde inrichting gekregen. De karakteristiek van de lange polderlijn is alleen in de bebouwing nog herkenbaar.

Herstel van de Rietstraat als groene polderstaat hoeft niet te betekenen dat het oorspronkelijke profiel met middenberm teruggebracht moet worden. De huidige parkeerdruk maakt dat lastig. Wel is het essentieel om de continuïteit in het profiel zonder knikken en as verspringingen terug te brengen. Ook de boombeplanting moet consequent in één lijn worden aangeplant, het liefst tweezijdig wanneer het parkeren het toelaat. Eenheid in de groene erfscheidingen van de voortuinen maakt het beeld compleet.
Zo ontstaat opnieuw een groene straat die de sfeer van de polder uitademt. Bovendien zal er voor verkeersdeelnemers een overzichtelijker situatie ontstaan, die uiteindelijk wel eens verkeersveiliger zou kunnen zijn dan de huidige situatie met knikken. Wel moet het voor de verkeersdeelnemers duidelijk zijn dat het hier om een woonstraat gaat. Dit kan door:
•    De rijbaan niet breder te maken dan noodzakelijk is, met ruime stoepen.
•    Bomen zo dicht mogelijk op de rijbaan te plaatsen, waardoor het straatprofiel optisch versmalt. Dit heeft een positief effect op de rijsnelheid en de veiligheid.

In situaties waar de parkeerdruk zo hoog is dat er geen ruimte is voor bomen in de straat is collectief parkeren aan de achterzijde van de woningen een overweging. Het grote hof achter de Rietstraat biedt mogelijk ruimte om hier (een deel van) het parkeren onder te brengen. Ook kunnen in plaats van aan twee zijden aan één zijde bomen worden toegepast. Bomen horen nu eenmaal bij het straatbeeld in de polderstad.

309-3 309-4 309-5
De Rietstraat kort na aanleg in de jaren ‘50 (bron: NLE) De Rietstraat anno 2012 De Rietstraat met brede stoepen en laanbomen