Historie – ontwerpgedachten

Wat is karakteristiek aan het ontwerp van de entrees en randen van Emmeloord?

Duidelijke begrenzing van de stad
Bij de totstandkoming van Emmeloord was de begrenzing van de stad naar het buitengebied een hoofdmotief in het ontwerp. De stadsrand werd bepaald door:

  • Een groene mantel aan drie zijden van de stad.
  • Een open stadsfront aan de Zwolse Vaart, met bebouwing gericht op de polder.
  • De omsluiting van de stad door de drie vaarten.
  • Drie ‘blauwe stadspoorten’, de drie entrees (west, zuid en oost) de stad in vanaf het stadskruis over de vaarten.
  • Een ‘groene stadspoort’, de noordelijke entree de stad in vanaf het stadskruis door het Emmelerbos.

 

oorspronkelijke en nieuwe entrees en randen  
De oorspronkelijke en nieuwe stadsranden, entrees en stadspoorten, die kenmerkend zijn voor het DNA van Emmeloord. De entrees zijn geel en de stadspoorten zijn blauw en groen. De oorspronkelijke stad is donkerrood, het deel van de stad dat na 1960 is gebouwd is roze  

 

Entree via het stadskruis
Oorspronkelijk kwamen bezoekers Emmeloord binnen via de vier zorgvuldig vormgegeven entrees van het stadskruis, die elkaar nog altijd raken midden in de stad rond De Deel. We noemen deze vier hoofdroutes samen het stadskruis. Van drie zijden, noord, oost en west, kwam men eerst door de groene mantel.
De noordelijke entree van het stadskruis is met veel groen ontworpen en loopt door het stadsbos. De overige drie entrees komen over het water de stadskern binnen. Daar waar de entreeroutes de vaarten kruisen en uit het bos komen liggen de ‘stadspoorten’.

Oorspronkelijke kwaliteiten van deze entrees en stadspoorten zijn:

  • Geleidelijke binnenkomst vanuit het landschap, via een plein of groene ruimte naar het centrum.
  • Ter hoogte van de stadspoorten (beeldbepalende of structuurbepalende) gebouwen met een bijzondere functie in het groen of pleinachtige ruimtes.
  • Bebouwing heeft meer afstand van de weg; het straatprofiel is breder.
  • Zicht op de Poldertoren en/of een van de centrumkerken.

 

Wat maakt de entrees en randen herkenbaar voor de Noordoostpolder-stad?
Nog altijd zijn het stadskruis met de stadspoorten zeer herkenbaar. Ze verbindt de stad met de polder en de dorpenring. Langs de infrastructuur van het stadskruis en ter plaats van de stadspoorten is de identiteit van de Polderstad sterk beleefbaar.
De nieuwe entrees, die ontstonden door de aanleg van de rijksweg en ter plaatse van de stadsuitbreidingen zijn minder helder vormgegeven. Hier ontbreken de bijbehorende markante gebouwen en ontworpen open ruimtes zoals we die kennen van de oorspronkelijke stadspoorten. Door de komst van de snelweg is veel veranderd. Omdat het aantal afritten beperkt is, hebben een aantal oorspronkelijke entrees een ondergeschikte positie gekregen in de stad.

 

 

groene stadsgrens verbeelding40
Verbeelding van de stad na 35 jaar, met de groene mantel. Schets uit 1944 (bron: NLE)
 
 
 
Komende vanuit het noorden (A6) en oosten (Marknesserweg) vormt de groene mantel (donkergroen getekend)) een duidelijke grens. Brede groene stadsentrees (middelgroen), die van profiel wisselen bij overgangen in de stad, maken het verschil tussen de polder (wit), de stadsranden (donkergroen), de buitenste bebouwingsschil (roze) en de stadskern (donkerrood) beleefbaar  

 

Groene mantel rond stad nog altijd zeer herkenbaar
In 1944 werd een beeld geschetst van Emmeloord na 35 jaar, met daarop veel groen rondom de stad. Alleen de zuidoost hoek van Emmeloord, het stadsfront aan de Zwolse Vaart, werd vrijgehouden van een groene mantel. Dit beeld past bij de uitgangspunten van Pouderoyen. Hij wilde het groen zo snel mogelijk laten bijdragen aan de kwaliteit van de woon- en leefomgeving. Nog altijd kent de stad een groene mantel op veel plaatsen in de rand. Ook de polderdorpen hebben nog weinig van hun groene mantels verloren. De groene stad en de groene dorpen zijn hierdoor zeer herkenbaar in het open polderlandschap als ‘familie’ met hetzelfde polder-DNA.

Typische kenmerken van de randen en entrees van Emmeloord

  1. Stadssilhouet: Komende vanuit de richting Bant, Creil, Urk en Nagele heeft de stad een karakteristiek stadssilhouet met de poldertoren als hoogtepunt boven de groene stadscontour.
  2. Groene stadsgrens: Komende vanuit het noorden (A6) en oosten (Marknesserweg) vormt de groene mantel een duidelijke grens.
  3. Geleidelijke binnenkomst: Brede groene stadsentrees, die van profiel wisselen bij overgangen de stad in, maken het verschil tussen de polder, de stadsranden (donkergroen), de buitenste bebouwingsschil (roze) en de stadskern (donkerrood) beleefbaar.
  4. Gebouwen met bijzondere functies in het groen: Deze groene clusters liggen op bijzondere plekken, bij de entrees van de stad en van meerdere wijken.
  5. Vizieren op de poldertoren, kerken en bijzondere gebouwen: De richting van de hoofdontsluiting (het stadskruis) begeleidt