Woordenlijst dorpen

Assenkruis
Beeldbepalende bebouwing
Begeleidende bebouwing
Classicistisch
Delftse School
Delfts Rood
Delfts lichtrood, roze of wit
Dorpenring
Dorpsbrink
Dorpsveld
Formele architectuur
Functionalisme, Modernisme of Het Nieuwe Bouwen
Informele architectuur
Kruiswegdorp
Langswegdorp
Orthogonaal
Strokenbouw
Structuurbepalende bebouwing
Zadeldak

 

Assenkruis
Vanuit Emmeloord lopen vier hoofdwegen in stervorm naar buiten richting de dorpen. Deze vier wegen noemen we de spaken of het assenkruis.

Beeldbepalende bebouwing
Beeldbepalende gebouwen zijn de gebouwen die een plek een eigen karakter geven. Vaak hebben ze een maatschappelijke betekenis. Óok herbergen ze bijzondere functies; het gemeentehuis, een museum of kerk. Meestal zijn het architectonisch opvallende gebouwen, in enkele gevallen zelfs van grote kwaliteit, maar dit is niet noodzakelijk. Soms is de locatie bepalend; een horecagelegenheid bij de entree van het dorp is beeldbepalend, een vergelijkbare onderneming in een achterafstraat niet. In het algemeen gaat het om gebouwen die benoembaar zijn; zo kun je zonder straatnaam en huisnummer te weten, afspreken bij bijvoorbeeld de katholieke kerk.

beeldbepalende-bebouwing-de-r-k-kerk-luttelgeest beeldbepalend-de-gereformeerde-kerk
De Rooms-katholieke kerk in Luttelgeest is door haar bijzondere architectuur en de ligging aan de entree van het dorp kenmerkend voor het dorp. De gereformeerde kerk in Nagele van de architecten Van den Broek en Bakema is een van de architectonische topstukken van het dorp en daarmee medebepalend voor het dorpsbeeld.

Begeleidende bebouwing
Begeleidende bebouwing is bebouwing die een beweging begeleidt op een belangrijke plek in het dorp. Het gaat dan met name om de bebouwing die langs de toegangswegen staat. Het door deze bebouwing gevormde straatprofiel is minder kenmerkend dan de structuurbepalende bebouwing rond de meest prominente verblijfsruimten in het dorp. Zaken als korrelmaat (zijn het vrijstaande woningen of rijen van geschakelde woningen?), massa, plaats van de rooilijn zijn van belang, maar minder absoluut dan het geval is bij de structuurbepalende bebouwing.

begeleidende-bebouwing-dia-Rutten Begeleidendebewouing Luttelgeest
Rutten Luttelgeest

Classicistisch
Architectuur die vaak sterk symmetrisch is en die teruggrijpt op de klassieke oudheid. Rust, evenwicht en symmetrie zijn belangrijke uitgangspunten.

Classicistisch
   

Delftse School
De Delftse School is een architectuurstroming waarvan de Delftse hoogleraar ir. Marinus Jan Granpré Molière de grondlegger was. Van ongeveer 1925 tot 1955 was deze, op de traditionele Hollandse architectuur gebaseerde stijl, op zijn hoogtepunt. Ook het hoogleraarschap van Granpré Molière bestreek deze periode.

Het behoud van de Nederlandse bouwtraditie was niet het enige doel van de Delftse School. Direct hiermee verbonden was een visie op de maatschappij. De hiërarchie in de samenleving kwam nadrukkelijk tot uiting in de gebouwen. Er was een groot verschil tussen de architectuur van woonhuizen en publieke gebouwen zoals kerken en gemeentehuizen. Woningen waren vaak informeel, sober en eenvoudig, gebaseerd op eenvoudige plattelandshuizen. Openbare gebouwen daarentegen waren juist formeel, monumentaal en refereerden aan het classicisme, romaanse stijl of de Hollandse renaissance.

De Delftse School was zowel een reactie op de Amsterdamse School, die als te decoratief werd gezien, als op het Functionalisme, of het Nieuwe Bouwen, waar de vorm een direct gevolg was van functie en constructie. Men zocht juist naar universele waarden en schoonheid door het gebruik van de ‘juiste’ verhoudingen, harmonie en licht. Ook dienden zeker de niet openbare gebouwen bescheiden te zijn en hun functie te tonen door de gekozen vorm.

Woordenlijst 2 julianastraat W Delftse Schoool espel
Emmeloord, Koningin Julianastraat Espel, Bredehof

Delfts Rood
Architectuur in de stijl van de Delftse School wordt Delfts Rood genoemd, dit vanwege de rode bakstenen en de oranjerode pannen. Voor zowel woningen als openbare gebouwen geldt dat ze meestal zijn uitgevoerd in rode of roodbruine baksteen en zijn voorzien van zadeldaken afgedekt met oranjerode pannen, bij openbare gebouwen soms donkergrijze pannen of leisteen. Met name bij woningbouw wordt het Hollands idioom gebruikt; een helder witte grafiek van goten en kozijnen en ambachtelijke maar sobere details. Bij openbare gebouwen wordt daarnaast gebruik gemaakt van meer luxe materialen als koper en natuursteen, het laatste vaak mede om de constructie te verduidelijken.

delfts-rood-de-basiliek-Bron-Michiel-van-'t-Einde delfts-rood-dia-2
De basiliek van Ens (voorbeeld openbaar gebouw) Delfts rode woningen in Espel (voorbeeld woningbouw)

Delfts lichtrood, roze en wit
In de jaren vijftig raakte Het Nieuwe Bouwen of Modernisme in zwang. De uitgangspunten van de Delftse School werden in deze ontwerpstroming aan de kant gezet en nieuwe ideeën over wonen en stedenbouw wonnen terrein. Het ontwerp voor Nagele, uit 1954 markeert de overgang naar een nieuwe tijd. Het dorp Nagele is het unieke dorp waar de ideeën van ‘Het Nieuwe Bouwen’ ver zijn doorgevoerd. In de andere dorpen zijn soms al kleine ingrepen en veranderingen te zien ten opzichte van de Delftse School. Het gaat dan om de eerste vormen van op de zon georiënteerde ‘strokenbouw’, een meer horizontale en minder formele architectuur. De kleur rood wordt minder prominent (in Nagele maakt de kleur definitief plaats voor wit). De gebouwen die zijn te herkennen als ‘overgangstypes’ van rood naar wit, hebben bijvoorbeeld gevels die zijn voorzien van horizontale ramen en ramen die door de dakgoot steken. Om de ‘tussenstijlen’ in dorpen te duiden, is gekozen voor een kleurschakering van dieprood naar wit, met daartussen ‘Delfts lichtrood en Delfts roze’.

delft-lichtrood-roze-en-wit
Voorbeeld van een ‘overgangstype’ in Tollebeek  

Dorpenring
Alle dorpen liggen aan de dorpenring, de rondweg door de polder.

dorpenring
   

Dorpsbrink
Pleinachtige centrale dorpsruimte, waaromheen de maatschappelijke en winkelvoorzieningen zijn gegroepeerd.

dorpsbrink-de-dorpsbrink-van-marknesse
De dorpsbrink van Marknesse  

Dorpsveld
Groene open dorpsruimtes, waaromheen woonfuncties liggen. Dorpsvelden zijn soms centrale dorpsruimtes (Kraggenburg, Nagele), vaak ook groene open (gebruiks)ruimtes, waar ruimte is voor sport- spel en bijvoorbeeld volkstuinen. Rond de dorpsvelden wordt gewoond, vaak lopen dorpsstraten langs of door dorpsvelden.

dorpsveld-
Het dorpsveld van Tollebeek  

Formele architectuur
Enkele kenmerken van ‘formele architectuur’ zijn:

  • Formele architectuur drukt door de plaatsing en massa hiërarchie en machtsverhouding uit; het gebouw is hierdoor vaak beeldbepalend voor het dorp of de stad.
  • De plaatsing van het bouwwerk is bepalend voor de stedenbouwkundige ruimte.
  • Formele architectuur is bij oplevering een af geheel en volmaakt in vorm.
  • De vorm dwingt het gebruik.
  • De massa-opbouw is vaak symmetrisch.
  • De materialisering en detaillering is vaak rijk en overvloedig.
  • Tradities worden meest historisch geïnterpreteerd.
  • Gebouwen kunnen zwaar en serieus zijn.
  • Veel symbolische betekenis, meestal religieus.

 

Formele-Architectuur
De Basiliek van Ens domineert de Baanhoek. Door de ligging en de statige architectuur is deze kerk het belangrijkste gebouw in het dorp.  

Functionalisme, Modernisme of Het Nieuwe Bouwen
Het Functionalsme vindt zijn oorsprong in de negentiende eeuw, met als pioniers de theoreticus Viollet-le-Duc en onder anderen de Amerikaanse architect Sullivan. Zij spreken het eerst over de vorm die door de functie wordt bepaald. Sullivan’s leerling Frank Lloyd Wright verkorte deze zienswijze tot het gevleugelde ‘ Form follows function’. In het begin van de twintigste eeuw werd deze opvatting overgenomen door de architecten van de Moderne Beweging en in Nederland door de architecten van het Nieuwe Bouwen. Een gebouw werd alleen bepaald door de functie en techniek, decoraties waren uit den boze.

Ook was het Nieuwe Bouwen een uiting van de moderniteit; nieuwe bouwtechnieken en materialen maakten het mogelijk nieuwe vormen te realiseren. Ontwerpen werden afgestemd op fabrieksmatige productiemethodes en rationele maatsystemen. Werden in het verleden de verschillende functies van een gevel van één enkel materiaal voorzien (bijvoorbeeld baksteen), nu werden deze functies gescheiden. Betonnen of stalen draagconstructies werden ingevuld met bandramen, gevelvullende elementen en grote puien. Traditionele pannendaken werden niet meer toegepast; daken waren vanaf nu plat.

van nelle fabriek-Rotterdam
Van Nellefabriek Rotterdam, Brinkman en Van der Vlugt, 1926  

Informele architectuur
Enkele kenmerken van ‘informele architectuur’ zijn:

  • Informele architectuur drukt door de plaatsing of massa geen hiërarchie of machtsverhouding uit.
  • De plaatsing van het bouwwerk is ondergeschikt aan en volgt de stedenbouwkundige ruimte.
  • Informele architectuur is niet af en volmaakt.
  • De uiterlijke vorm volgt het gebruik.
  • De massaopbouw is vaak asymmetrisch.
  • De materialisering en detaillering is meestal sober en doelmatig.
  • Tradities worden enkel hedendaags geïnterpreteerd.
  • Gebouwen kunnen elegant en lichtvoetig zijn.
  • Indien er symbolische betekenissen in het gebouw zijn gelegd, zijn deze vaak modern en soms humanistisch.

 

informele-architectuur
Deze kerk in Tollebeek is een voorbeeld van informele architectuur  

Kruiswegdorp
Polderdorp op een kruising van wegen. Kenmerkend voor de kruiswegdorpen is de dorpenring, die centraal in het dorp de dorpsbrink vormt of doorkruist.

kruiswegdorp
Marknesse, de dorpenring doorkruist de dorpsbrink

Langswegdorp
Polderdorp waar de dorpenring niet door, maar langs de dorpskern loopt.

langswegdorp
Espel, de dorpenring loopt langs de dorpsrand

Orthogonaal
Twee objecten zijn orthogonaal (van het Griekse orthos [recht] en gonia [hoek]), als zij ten opzichte van elkaar een rechte hoek vormen, of anders gezegd loodrecht op elkaar staan.

orthogonaal

Strokenbouw
Strokenbouw is een stedenbouwkundig verkavelingsprincipe, waarbij de bebouwing in parallelle rijen wordt geordend. Een voordeel van strokenbouw is dat alle woningen dezelfde oriëntatie hebben, waardoor theoretisch voor een hele wijk slechts één woningtype ontworpen hoefde te worden. Bij gebruik van passieve zonne-energie betekent dit dat alle woningen even optimaal ten opzichte van de zon kunnen worden gerealiseerd.

Rijwoningen in stroken achter elkaar geschakeld op zo’n wijze dat de zonorientatie hetzelfde is van alle woningen.

strokenbouw-nagele Strokenbouw-espel
Nagele Espel

Structuurbepalende bebouwing
Structuurbepalende bebouwing is de bebouwing die de openbare ruimte vormgeeft. Een plein wordt bepaald door zijn wanden. Goothoogte, massaopbouw en materiaal zijn bepalend voor de identiteit. De korrelmaat (zijn het vrijstaande woningen of rijen van geschakelde woningen?) en de mate van transparantie tussen de bebouwing is van belang. Het is dus niet zo dat deze bebouwing op zichzelf bepalend of onvervangbaar is, maar de karakteristiek is dat wel.

structuurbepalendebebouwing-espel structuurbepalende-bebouwingens
Espel Ens

Zadeldak
Een zadeldak is een dak met twee tegen elkaar geplaatste hellende dakschilden. Dit type dak is, vanwege zijn eenvoud, het meest voorkomende type dak in Nederland, met name in de traditionele bouw.

zadeldak